Van AI-waardenkader naar werkende toepassing

Hoe onze aanpak voor Oorlogsbronnen.nl samenvalt met het AI-advies van de Raad voor Cultuur

Een reflectie op het advies van de Raad voor Cultuur, aan de hand van een experiment van Norday,
Spinque en WO2Net.

In juni 2026 bracht de Raad voor Cultuur het advies Kunstzinnig boven Kunstmatig uit. De boodschap: zet AI in vanuit publieke waarden, met de mens en de betekenis voorop. Laat de culturele sector zelf mee vormgeven hoe die technologie eruitziet, in plaats van haar te ondergaan. Het is een advies om het van harte mee eens te zijn.

Maar instemmen is makkelijk. De echte vraag komt als je AI daadwerkelijk wilt inzetten om meer kennis te ontsluiten uit je digitale collectie of archief. Die kennis dient op een betekenisvolle manier aan je publiek gepresenteerd te worden. Hoe doe je dat wél volgens die waarden? Toen het advies verscheen, herkenden we onze eigen uitgangspunten erin.

Kort daarvoor hadden we samen met Spinque en WO2NET een toepassing gebouwd met de moeilijkste denkbare data: de bronnen van de Tweede Wereldoorlog. Voor die bronnen zijn nuance en juistheid alles. We deden dat niet om aan een advies te voldoen; het bestond toen nog niet. Maar toen we onze keuzes naast de waarden van de Raad legden, bleken ze opvallend samen te vallen. Alsof de praktijk en het beleid, ieder langs een eigen weg, bij dezelfde principes uitkwamen.

Wat we deden, en wat het (nog) niet is

Laten we eerlijk zijn over het stadium. Dit is een experiment en een prototype, dat we live hebben
gedeeld in een sessie met WO2-erfgoedprofessionals. Het is nadrukkelijk geen afgeronde toepassing die door WO2Net in gebruik is. De evaluatie moet nog plaatsvinden, en dat is precies de bedoeling: eerst samen bouwen en tonen, dan toetsen en leren.

Mensen zoeken hun antwoorden steeds vaker in omgevingen als ChatGPT en Claude. Samen onderzochten we hoe je de betrouwbare data van Oorlogsbronnen.nl, het grootste WO2-dataplatform van Nederland met 1,6 miljoen bronnen, kunt binnenhalen in zo’n gesprek. Je stelt een vraag, en het antwoord komt niet terug als platte tekst, maar in de eigen beeldtaal van het platform: kaarten, tijdlijnen en personen. Steeds is zichtbaar wat rechtstreeks uit de bron komt en wat de AI heeft toegevoegd.

Onze aanpak rust op drie lagen. Een betrouwbare, beheerde databron als fundament: de kennisgraaf van Oorlogsbronnen. Daarbovenop een laag die die kennis vertaalt naar de vraag en de context van de gebruiker. En ten slotte een mensvriendelijke interface die uitnodigt tot ontdekken en begrijpen, met de herkomst altijd zichtbaar. Die opbouw is niet toevallig; het is hoe wij denken dat AI in de culturele sector hoort te werken, ongeacht de collectie.

We lieten het live zien op de WO2Netwerkdag in Beeld en Geluid, voor een zaal vol erfgoedprofessionals. Hieronder lopen we langs de waarden van de Raad en laten we zien hoe de waarden terugkomen in het werk voor Oorlogsbronnen.nl

De zes waarden van de Raad

Het advies benoemt zes fundamentele waarden die leidend zouden moeten zijn bij de inzet van AI in de culturele en creatieve sector:

  1. Menselijke creativiteit
  2. Creatief auteurschap
  3. De kwaliteit van de arbeidsmarkt
  4. Pluriformiteit
  5. Toegankelijkheid
  6. Artistieke vrijheid

Het zijn geen technische eisen, maar publieke waarden: de dingen die de sector wil beschermen én versterken. De vraag die we onszelf stelden: kun je een AI-toepassing zó ontwerpen dat elk van die waarden er niet onder lijdt, maar juist door gediend wordt?

Betrouwbaarheid: de herkomst altijd zichtbaar

Het advies waarschuwt terecht voor AI die plausibel klinkt maar de waarheid geweld aandoet: verzonnen feiten, verzonnen bronvermeldingen. Bij historische data is dat geen ongemak maar een breekpunt. Onze keuze: de betrouwbare informatie komt rechtstreeks uit de kennisgraaf van Oorlogsbronnen, en een duidelijke visuele taal laat steeds zien wat bron is en wat door de AI is toegevoegd. De bezoeker weet altijd waar hij aan toe is. De onbenutte kracht van AI, grote hoeveelheden tekst verwerken en verbanden leggen, benutten we, maar zonder de bron uit het oog te verliezen.

De mens eerst: de redacteur houdt de regie

De Raad legt de nadruk op menselijke creativiteit en op een gezonde arbeidsmarkt: AI moet makers versterken, niet vervangen. Ons experiment begon als hulpmiddel voor de redacteur, om sneller betekenisvolle verhalen samen te stellen uit een overweldigende berg bronnen. De redacteur bepaalt wat verteld wordt en bewaakt de historische juistheid; de AI neemt het zoekwerk uit handen, niet het oordeel. En we ontdekten onderweg iets wat we niet hadden voorzien: dezelfde aanpak brengt ook voor het publiek de geschiedenis dichterbij. Datzelfde principe borgt de artistieke vrijheid die de Raad noemt: de instelling stelt de kaders, de AI werkt daarbinnen, geen black box die zelf bepaalt wat getoond wordt.

Het idee eerst, de techniek volgt

Er wordt veel gesproken over vibe coding. Vibe coding gaat over snel bouwen door in gewone taal te beschrijven wat je wilt, terwijl de AI de code schrijft. Wij werkten inderdaad snel, maar vooral weloverwogen. Het goede idee ontstond niet achter één scherm, maar in de samenwerking vóór er code was: de ontwerp- en frontendblik van Norday, de kennisgraaf en data scientists van Spinque, en de redacteuren van Oorlogsbronnen die de inhoud en de gevoeligheden bewaken. Die menselijke kennisdeling kwam eerst en hielp ons scherp verwoorden wat de moeite waard was om te maken. Pas daarna werd de techniek het gereedschap. Precies de volgorde die de Raad bepleit: de ontwerpkracht van de sector voorop.

Auteurschap en pluriformiteit: eerlijk over wat af is en wat niet

Twee waarden verdienen een eerlijk woord, want ze zijn niet met één ontwerpkeuze afgevinkt. Creatief auteurschap gaat over de vraag van wie de kennis en de bronnen zijn. We werken bewust met de eigen, rechtmatige collectiedata, samengebracht in een kennisgraaf, niet geschraapt van het internet, en houden de herkomst zichtbaar. Dat is een stevig fundament, al blijft de onderliggende taaltechnologie een aandachtspunt dat we open bespreken: het taalmodel is het gereedschap, de bron is leidend.

Pluriformiteit, meerstemmigheid en het zichtbaar maken van wat ontbreekt of betwist is, is geen knop die je omzet, maar een opgave op zich. Onze aanpak biedt er ruimte voor: doordat de bron en de toevoeging gescheiden zichtbaar blijven, ontstaat er plek om verschillende perspectieven naast elkaar te tonen in plaats van ze te versmelten tot één gemiddeld antwoord. Maar we zijn er niet klaar mee, en dat willen we ook niet suggereren. Juist bij beladen geschiedenissen is meerstemmigheid werk dat je samen met de betrokken gemeenschappen en experts doet, niet iets wat een toepassing vanzelf oplost.

Toegankelijkheid: van zoekbalk naar gesprek

Een rijke collectie is vaak rijker dan de bezoeker ooit ontdekt, verscholen achter een zoekbalk en een lijst resultaten. Door de collectie in gesprek te ontsluiten, en antwoorden te tonen in kaarten, tijdlijnen en personen, verlaagt de drempel. Je hoeft niet te weten hoe je moet zoeken; je kunt gewoon vragen. Dat is de toegankelijkheid die de Raad bepleit, concreet gemaakt.

Waarom dit breder werkt

We kozen bewust gevoelig materiaal. Juist omdat WO2-erfgoed geen ruimte laat voor fouten, was het de ultieme testcase voor waardengedreven AI. En wat hier werkt, betrouwbare data, zichtbare herkomst, de mens aan het roer, het idee vóór de techniek, werkt net zo goed voor een museumcollectie, een stads-, provinciaal of landelijk archief.

Het advies van de Raad is geen rem op AI in de cultuursector. Het is een uitnodiging om het goed te doen. Wij, Norday, Spinque en WO2Net, denken dat dat kan, en dat het begint bij de waarden: niet als sluitstuk, maar als ontwerpprincipe.

Dit was een eerste, gezamenlijke stap. De volgende is de evaluatie, samen met WO2Net.

Wil je op de hoogte blijven of meedenken? Neem gerust contact met ons op.

Neem contact met ons op

Ready to change things?

Jacco Ouwerkerk

Ook een groter publiek betrekken? Neem contact op met Jacco Ouwerkerk

Jacco Ouwerkerk's Linkedin